zaterdag 2 juli 2011

Sommige dingen zijn niet met pillen te bestrijden. (Johanna)

Dawn had geen idee hoe lang ze al op de bank voor zicht uit had zitten staren toen Luca binnenkwam en het geluid van de voordeur haar uit haar gedachtenwereld rukte. "Ik ben thuis!' riep Luca opgewekt. Dawn knipperde langzaam met haar ogen. Zachtjes legde ze haar vinger tegen haar slapen. De hoofdpijn die na haar tweede ontmoeting met Charlotte was opgespeeld, hield hardnekkig aan. "Gaat het?" vroeg Luca, die met zijn tas nog in zijn hand bezorgd naar Dawn keek. Dawn draaide zich om om haar broertje aan te kijken. "Jawel. Beetje hoofdpijn." Luca knikte langzaam en zette zijn tas neer. "Neem een aspirientje dan?" Hij gebaarde met zijn hoofd naar het kastje in de keuken waar Diego alle medicijnen bewaarden. Zijn vitaminensupplementen stonden erin, maar ook Luca's astma-medicijnen en dingen als hoestsiroop en paracetamol. Dawn schudde haar hoofd. "Heb ik al genomen, maar het werkt niet." Luca schoof één van de houten stoelen onder de eettafel vandaan en ging erop zitten, met zijn benen wijd om de rugleuning heen. Zo zat hij vaak, met zijn armen gevouwen onder zijn kin. Diego zei er meestal wat van als hij er was, maar daar trok Luca zich weinig van aan. "Misschien moet je even gaan liggen." zei hij nadenkend. "Of moet ik een kop thee voor je zetten?" Dawn schudde haar hoofd. "Dat is lief van je, maar dat hoeft niet hoor." zei ze met een glimlach. Luca glimlachte terug. "Hoe was het eigenlijk met het tassenmeisje?" Dawn dacht even na. "Oh, Charlotte!" Voor het eerst sinds ze die middag uit het winkelcentrum was weggefietst had ze er even 5 minuten niet aan gedacht. Ze twijfelde even... Zou ze het Luca vertellen? Hij zou het waarschijnlijk niet begrijpen. Ze begreep het zelf nauwelijks. "Het ging heel snel eigenlijk." zei ze toen, meer tegen zichzelf dan tegen Luca. Hij leek ook al niet meer te luisteren. Zijn aandacht werd in beslag genomen door de grote staande klok in de hoek van de kamer. Het was een erfstuk van Diego's moeder geweest. Vroeger was Luca er eens tegenaan gevallen tijdens een wild spelletje tikkertje. Diego had hem behoorlijk de wind van voren gegeven. Nog jaren daarna hadden ze allebei de klok niet aan durven te raken. Nu keek Luca weer net zo benauwd als toen, maar nu was zijn blik ook echt gericht op de matte witten cijferplaat. "Weet jij hoe laat Papa thuiskomt?" vroeg hij toen. Dawn haalde haar schouders op. "Die kan er ieder moment zijn denk ik." Luca beet op zijn lip. "Ik ga vast naar boven. Ik heb veel huiswerk." Hij hees zijn tas weer op zijn schouder en bleef nog even besluiteloos staan. Daarna stak hij zonder te kijken zijn hand op naar Dawn en verdween door de deur naar de gang. Even later hoorde ze zijn trage voetstappen op de krakerige trap. Wat zou er aan de hand zijn? Had Luca ruzie gehad met Diego? Dawn overwoog net hem te volgen toen er weer een felle pijnscheut door haar hoofd heen schoot. Misschien was het inderdaad geen slecht idee om even te gaan liggen. Ze kwam moeizaam overeind en sleepte zichzelf naar de deur waardoor Luca net verdwenen was. Voor ze de kamer verliet controleerde ze nog even of er niks was waar Diego kwaad om zou kunnen worden; glazen op de grond bijvoorbeeld. Of een vest dat op een stoel rondslingerde. De kamer was netjes, dus trok Dawn tevreden de deur achter zich dicht. De steile houten trap had nog nooit zo lang geleken, voor zover Dawn zich kon herinneren. Toen ze uiteindelijk hijgend bovenkwam had ze het gevoel dat ze een marathon gerend had. In haar kamer liet ze zich uitgeput op haar bed vallen. Haar kussensloop voelde heerlijk koel tegen haar gloeiende hoofdhuid. Ze wurmde haar voeten uit haar schoenen en trok haar benen op zodat ze comfortabel lag. Toen ze haar ogen sloot viel ze na enkele minuten al in slaap.

Ze schrok wakker van Diego's stem die door het huis bulderde. Ze kwam half overeind en spitste haar oren, maar haar hoofd bonkte nog steeds. Een tijdje probeerde ze tevergeefs Diego en Luca, die er af en toe een stuk zachter doorheen kwam te verstaan, maar het lukte niet. Ze voelde ook de kracht niet om naar beneden te gaan, en een ruzie tussen die twee onderbreken leek haar ook geen goed idee. Diego kon behoorlijk fel zijn als hij boos was, en Luca liet alles meestal maar gewoon over zich heen komen en wachtte tot het voorbij was. Dawn liet zich met een zucht weer terugzakken in haar kussen en sloot haar ogen weer. Ze wilde dat die hoofdpijn verdween. Ineens klonk er het geluid van brekend glas. Gevolgd door stampende voetstappen op de trap. Even later wist ze haast zeker dat ze Luca kon horen snikken. Ze hield haar adem in en luisterde ingespannen. "Luca?" vroeg ze nog schor van het slapen. Het bleef even stil. "Laat me maar even." zei Luca toen, een stuk krachtiger dan Dawn verwacht had. Ze keek naar buiten. Het begon al te schemeren. Luca en Diego hadden waarschijnlijk al gegeten. Ze had langer geslapen dan ze van plan was. Maar ze had toch geen honger, en de hoofdpijn trok haar hoofd weer omlaag. Het zag ernaar uit dat ze gewoon moest blijven liggen, in de hoop dat het morgen over was. "Weltrusten." mompelde ze zachtjes. Ze voelde haar oogleden alweer zwaar worden en trok haar deken over zich heen. "Weltrusten." hoorde ze Luca fluisteren. Het klonk best wel dichtbij, alsof hij vlak voor de deur stond. Eigenlijk wilde ze opstaan, de deur opendoen, en Luca overhalen om te praten, maar haar lichaam liet het niet toe. Haar gedachten dwaalden af en haar ogen vielen dicht. Waarom was ze toch zo moe vandaag.